Publicaties Vlabel februari 2026

In de maand februari 2026 publiceerde de Vlaamse Belastingdienst één relevante voorafgaande beslissing over successieplanning. Daarnaast werden vier vonnissen en arresten gepubliceerd die voor de successieplanning bijzonder relevant zijn. We behandelen beide in dit overzicht.

THEMA 1: VOORAFGAANDE BESLISSINGEN

VB 25125: Omvorming Nederlands huwelijksstelsel naar Belgisch recht met verblijvings- en toekenningsbedingen – geen fiscaal misbruik

Feiten

De echtgenoten X en Y zijn in 1989 gehuwd onder het Nederlands stelsel van uitsluiting van elke gemeenschap, aangevuld met een periodiek verrekenbeding van inkomsten. Zij hebben twee gemeenschappelijke kinderen, waarvan één zorgbehoevend. Beiden hebben de Nederlandse nationaliteit en wonen reeds vele jaren in Vlaanderen. Zij zullen niet terugkeren naar Nederland.

De echtgenoten wensen hun huwelijksovereenkomst om te vormen naar Belgisch recht en een Belgisch stelsel van scheiding van goederen aan te nemen. Tegelijk wensen zij een optioneel verblijvingsbeding toe te voegen voor alle goederen die tussen hen in onverdeeldheid zijn en een optioneel toekenningsbeding voor bepaalde categorieën eigen goederen die tijdens het huwelijk zijn verkregen (rekeningen en beleggingen, onroerende goederen, lichamelijke en onlichamelijke roerende goederen). In geval van echtscheiding voorzien zij ook in een billijkheidsclausule, maar die maakt niet het voorwerp uit van de rulingaanvraag.

Vraag

Vormt de omvorming van het huwelijksstelsel met toevoeging van een verblijvingsbeding en een toekenningsbeding fiscaal misbruik? Kwalificeren de bedingen als huwelijksvoordelen? Is artikel 2.7.3.4.1, 1°, tweede volzin VCF van toepassing op het toekenningsbeding?

Beslissing

De Vlabel aanvaardt dat er geen erfbelasting verschuldigd is op de uitwerking van de bedingen. De wijziging van het huwelijksstelsel en de toevoeging van een verblijvings- en toekenningsbeding maken geen fiscaal misbruik uit. De echtgenoten waren reeds gehuwd onder een stelsel van scheiding van goederen. De omvorming is ingegeven door hun definitieve vestiging in België en de wens om een uniforme vermogensplanning naar Belgisch recht uit te werken, zodat onduidelijkheden over het toepasselijke recht bij overlijden worden vermeden.

Het toekenningsbeding creëert geen schuld in de nalatenschap, maar een zakenrechtelijke aanspraak. Artikel 2.7.3.4.1, 1°, tweede volzin VCF is dan ook niet van toepassing.

De bijzondere niet-fiscale motieven spelen een rol volgens Vlabel. Eén van de kinderen is zorgbehoevend en zal levenslang ondersteuning nodig hebben. De reservebestendigheid van het huwelijksvoordeel is cruciaal: zolang het voordeel de grenzen van artikel 2.3.57 BW niet overschrijdt, kunnen de kinderen noch opname in de rekenboedel noch aanrekening op het beschikbaar deel vragen. Zo kunnen de echtgenoten garanderen dat de langstlevende steeds voldoende middelen heeft om in de zorg van hun kind te voorzien.

Gevolg

De wijziging van het huwelijksstelsel en de toevoeging van de bedingen geven geen aanleiding tot erfbelasting of schenkbelasting.

THEMA 2: VONNISSEN EN ARRESTEN

Waardering aandelen patrimoniumvennootschap – intrinsieke methode, geen liquidatiebonus, gespreide taxatie (Hof van Beroep Gent, 9 december 2025)

Feiten

De erfgenamen van een overledene gaven aandelen in twee passieve vastgoedvennootschappen aan in de nalatenschap. Zij hanteerden een gemengde methode: 90% intrinsieke waarde en 10% EBITDA-waarde. Voor de latente belasting op de meerwaarden pasten zij een tarief van 25% toe. Vlabel betwistte zowel de waarderingsmethode als het belastingtarief en vestigde aanvullende aanslagen.

Vraag

Welke waarderingsmethode is correct voor passieve vastgoedvennootschappen? Moet rekening worden gehouden met de belasting bij vereffening? Welk belastingtarief geldt voor de latente belasting op meerwaarden?

Beslissing

Het Hof van Beroep te Gent bevestigt de aanvullende aanslagen van Vlabel op drie punten.

Voor passieve vastgoedvennootschappen zonder eigen handelsactiviteit is de intrinsieke waarderingsmethode de enige correcte methode. Een EBITDA-correctie is niet verantwoord. Huurinkomsten uit passieve verhuur beïnvloeden de waarde van het vastgoed niet rechtstreeks.

De vennootschappen waren going concern op het moment van overlijden. Er is geen enkele reden om bij de waardering rekening te houden met de belasting die verschuldigd zou worden bij vereffening. Roerende voorheffing en vennootschapsbelasting bij ontbinding zijn niet zeker en vaststaand.

Bij de waardering moet rekening worden gehouden met het meest waarschijnlijke scenario, niet met het scenario dat de hoogste belastingdruk oplevert. Aangezien de vennootschappen going concern waren en in het verleden reeds gebruik hadden gemaakt van de gespreide taxatie (artikel 47 WIB92), is gespreide taxatie het meest waarschijnlijke scenario. Vlabel paste terecht een verdisconteerd tarief van 15,33% toe (25% over 30 jaar aan een discontovoet van 3,5%).

Gevolg

Het hoger beroep van de erfgenamen is ongegrond en de aanvullende aanslagen worden bevestigd.

Managementdiensten aan derden zijn reële economische activiteit – gunsttarief familiale vennootschappen (Rechtbank van Eerste Aanleg Gent, 27 januari 2026)

Feiten

W C BV verleent managementdiensten en adviesverlening aan derden (geen dochtervennootschappen) op het vlak van management en marketing. De vergoedingen zijn gekoppeld aan het behalen van omzetdoelstellingen en groei-targets. Vlabel weigerde het verlaagd tarief voor familiale vennootschappen omdat de vennootschap geen nijverheids-, handels-, ambachts- of landbouwactiviteit zou uitoefenen.

Vraag

Kwalificeert W C BV als familiale vennootschap? Heeft zij een reële economische activiteit?

Beslissing

De rechtbank maakt een cruciaal onderscheid. Een klassieke managementvennootschap die uitsluitend een bestuursmandaat uitoefent voor verbonden vennootschappen kwalificeert niet als familiale vennootschap. W C BV verleent haar managementdiensten echter aan derden op de markt. Dat is een reële handelsactiviteit die het passief beheer van participaties overstijgt. De vennootschap kwalificeert dan ook als familiale vennootschap.

Hoewel de twee parameters (te weinig loonkosten, te veel vastgoed) een wettelijk vermoeden van geen reële economische activiteit in het leven riepen, slaagde de belastingplichtige erin het tegenbewijs te leveren. De vennootschap treedt in concurrentie met andere marktdeelnemers en verleent daadwerkelijk diensten op duurzame wijze.

Gevolg

Het verlaagd tarief van artikel 2.7.4.2.2 VCF is van toepassing en de aanslagen worden herzien.

Bankgift niet uitgevoerd vóór overlijden – geen schenking, geen passief in nalatenschap (Hof van Beroep Gent, 9 december 2025)

Feiten

X ondertekende op 30 oktober 2020 twee pacte adjoints en een volmacht tot het uitvoeren van een bankgift. Zij overleed vijf dagen later op 1 november 2020. De overschrijvingen waren op het moment van overlijden nog niet uitgevoerd. De begiftigden voerden de niet-uitgevoerde bedragen op als passief in de aangifte van nalatenschap, als vordering wegens niet-uitvoering van de schenkingen.

Vraag

Vormen de pacte adjoints en de volmacht tot het uitvoeren van een bankgift een geldige schenking als de overschrijvingen niet zijn uitgevoerd vóór het overlijden?

Beslissing

Neen. Een bankgift is een onrechtstreekse schenking die tot stand komt door de effectieve overschrijving. Een pacte adjoint is slechts het bewijsdocument aposteriori van een reeds voltrokken bankgift. Documenten die stellen het bewijs te vormen van een reeds uitgevoerde schenking, maar waarvan blijkt dat de schenking op dat ogenblik nog niet was uitgevoerd, bewijzen niet dat de erflaatster de bedragen heeft geschonken.

Het feit dat Vlabel op zicht van de geregistreerde documenten schenkbelasting heeft geheven, laat zijn bevoegdheid onverlet om de geldigheid van de schenking te betwisten teneinde tot een correcte heffing in de erfbelasting te komen.

Gevolg

De niet-uitgevoerde bedragen worden terecht verworpen als passief in de nalatenschap en de erfgenamen kunnen geen vordering laten gelden wegens niet-uitvoering van de vermeende schenkingen.

Vastgoedactiviteiten die passief beheer overstijgen zijn reële economische activiteit – vrijstelling schenkbelasting familiale vennootschappen (Rechtbank van Eerste Aanleg Gent, 27 januari 2026)

Feiten

I.V. NV bezit en verhuurt diverse onroerende goederen: appartementen, een handelspand, studios, een studentenkot en een tennishal. De vennootschap realiseert exploitatieopbrengsten van circa €300.000 per jaar, heeft de afgelopen 20 jaar bijna €780.000 geïnvesteerd in grote herstellingen en bijna €510.000 in de tennishal, een appartementsgebouw verkocht en met de opbrengst nieuwbouw opgericht. Grootmoeder en moeder schonken aandelen aan de (klein)kinderen. Vlabel weigerde de vrijstelling voor familiale vennootschappen.

Vraag

Heeft I.V. NV een reële economische activiteit in de zin van artikel 2.8.6.0.3 VCF?

Beslissing

Ja. De rechtbank maakt twee belangrijke vaststellingen.

Vastgoedactiviteiten zijn niet per definitie uitgesloten van het begrip reële economische activiteit. Door vastgoed principieel uit te sluiten, voegt Vlabel een voorwaarde toe aan de wet. Vastgoedactiviteiten die het louter passief beheer overstijgen en op duurzame wijze een maatschappelijke meerwaarde genereren, zijn een reële economische activiteit. I.V. NV investeert actief, herbeleegt, neemt investeringskredieten op en onderhoudt haar patrimonium intensief.

Bovendien hoeft de belastingplichtige niet aan te tonen dat de reële economische activiteit de exclusieve activiteit is. Evenmin voorziet de wet in een proportionele vrijstelling. Het volstaat dat een reële economische activiteit aanwezig is.

Gevolg

De vrijstelling schenkbelasting is van toepassing en de aanslagen worden herzien.


June, 11 april 2026

Andere nieuwsberichten

Publicaties Vlabel april

In de maand april 2026 publiceerde de Vlaamse Belastingdienst drie voorafgaande beslissingen en één bijgewerkt administratief standpunt op het vlak van successieplanning. VB 26006: Inbreng onroerend goed in vennootschap gevolgd door schenking van de aandelen via...

read more

Rechtspraak gepubliceerd door de Vlabel – maart 2026

De maand maart 2026 bracht vier vonnissen van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent, alle gepubliceerd op 25 maart 2026 op de website van de Vlabel. De vonnissen behandelen uiteenlopende onderwerpen: ambtshalve ontheffing wegens nieuwe feiten, waardering van aandelen...

read more

Publicaties Vlabel – Maart 2026 – Deel 1

INLEIDING In de maand maart 2026 publiceerde de Vlaamse Belastingdienst een reeks voorafgaande beslissingen en administratieve standpunten die relevant zijn voor de successieplanning. We behandelen in dit overzicht de beslissingen over maatschappen, inbreng gevolgd...

read more